In Memoriam

prof.dr. Jaap G. Snijders




Terugblik op het leven en het werk van dr. Jaap G. Snijders, Hoogleraar Theoretische Chemie aan de Rijksuniversiteit Groningen

Op 13 augustus jongstleden overleed prof.dr. Jaap G. Snijders na een ziekbed van iets meer dan twee weken. Hij was nog maar 52 jaar. Jaap Snijders voltooide zijn studie Scheikunde aan de Universiteit van Amsterdam in 1973, cum laude. Vervolgens deed hij twee jaar onderzoek aan de universiteit van Sheffield. Daarna volgde een promotieonderzoek aan de Vrije Universiteit van Amsterdam naar relativistische effecten in de quantumchemie. Na zijn promotie in 1979 bleef hij tot 1996 als universitair (hoofd) docent verbonden aan de subfaculteit Scheikunde van de VU. In 1992 werd hij daar benoemd tot bijzonder hoogleraar met als leeropdracht de Quantumchemie van Spectroscopische Verschijnselen. Gedurende de 22 jaar die hij verbonden was aan de VU werkte hij nauw samen met prof.dr. Evert-Jan Baerends. In 1997 werd zijn grote wens vervuld: hij volgde prof. dr. Wim Nieuwpoort op als hoogleraar Theoretische Chemie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Dit betekende ook dat hij en zijn vrouw Greetje konden gaan wonen op het Drentse platteland, een andere grote wens. De werkgroep waaraan Jaap leiding ging geven is onderdeel van de onderzoekschool Materials Science Centre. In snel tempo bouwde hij een bloeiende groep op die zich vooral toelegde op de ontwikkeling, implementatie en toepassing van de tijdsafhankelijke dichtheidsfunctionaaltheorie. Hij zette voortvarend samenwerkingen op met bevriende MSC collega's, zoals dr. Harry Jonkman en prof.dr. Koos Duppen. Talentvolle jonge onderzoekers kwamen graag naar Groningen om met Jaap samen te werken. De groep werd in 2000 versterkt met FOM Sprinkplankfellow dr. Robert van Leeuwen. Dr. Paul de Boeij, discussiepartner en rechterhand vanaf bijna het eerste uur in Groningen, kwalificeerde zich voor een Vidi-beurs. Jaap is in Groningen promotor geweest van vier jonge mensen. Zijn huidige promovendi zullen zijn hulp en inspiratie moeten missen.

Jaap was nauw betrokken bij de implementatie van het veelgebruikte in Amsterdam ontwikkelde dichtheidsfunctionaal theorie programmapakket ADF. Hij heeft vooral bijgedragen aan de constructie van een efficiente parallelle implementatie ervan. In zijn onderzoeksactiviteiten kunnen in grote lijnen een viertal hoofdaandachtsgebieden worden onderscheiden. Het meenemen van relativistische effecten in standaard ab initio quantumchemische rekenmethoden leidt tot tijdrovende berekeningen en daarom is het toepassingsgebied beperkt. Een deel van zijn research richtte zich op de constructie van benaderde relativistische methodes die een grotere efficientie hebben zonder veel nauwkeurigheid op te geven. Gedurende lange tijd bestudeerde Jaap ook orientatieverschijnselen van kleine moleculen opgelost in vloeibare kristallen, die met behulp van NMR gedetecteerd kunnen worden. Daarnaast heeft hij de invloed bestudeerd van moleculaire orientatie in moleculaire bundel verstrooiingsexperimenten aan het NO-Ar systeem. Met Koos Duppen en AIO Thomas la Cour Jansen onderzocht hij de 2-dimensionale Raman response van moleculen in vloeistoffen. Een belangrijk resultaat was het voorstel om bij experimenten een speciale configuratie van laserpolarizaties te gebruiken. Deze configuratie wordt nu in de literatuur "Dutch Cross" genoemd. Ook deed hij onderzoek naar de omgevingseffecten op de eigenschappen van biologisch belangrijke moleculen, in het bijzonder eiwitten. De omgeving van het molecuul wordt hierbij beschreven met behulp van moleculaire mechanica en gekoppeld aan een quantummechanische beschrijving van het molecuul of het actieve centrum van het eiwit. Het zwaartepunt van Jaap's onderzoek lag de laatste jaren op methode-ontwikkeling, in het bijzonder voor de berekening van responseigenschappen van moleculen en vaste stoffen. Een groot aantal spectroscopisch interessante eigenschappen kan worden bestudeerd met behulp van z.g. responsfuncties die de reactie van een systeem op diverse tijdsafhankelijke externe stimuli (met name elektromagnetische interacties) beschrijven. Zijn onderzoek richtte zich op het gebruik van de tijdsafhankelijke variant van de dichtheidsfunctionaal methode, TDDFT, ter berekening van de responsfuncties. Het onderzoek van Jaap is bijzonder succesvol gebleken en het wordt nationaal en internationaal zeer hoog gewaardeerd.

Het universitair onderwijs lag Jaap na aan het hart. Hij maakte zich grote zorgen dat de geplande veranderingen in de chemie-opleiding ten koste zouden gaan van de kwaliteit. Vooral de opleiding in de theoretische chemie zag hij als een bouwwerk van steen op steen, waarbij geen enkele steen gemist kan worden. Lesgeven deed hij, tot grote tevredenheid van de studenten, met krijt op bord, een aanpak die tegenwoordig onorthodox gevonden wordt. Jaap Snijders heeft vele bestuurs- en beheerfuncties vervuld. Aan de VU was hij secretaris en later voorzitter van de vakgroep Fysische en Theoretische Chemie en lid van diverse facultaire commissies. In die tijd vervulde hij ook beleidsfuncties bij het Amsterdamse rekencentrum SARA en gedurende enkele jaren was hij bestuurslid van de sectie computertoepassingen van de KNCV. In Groningen was hij sinds 2000 lid en vanaf 2001 voorzitter van het bestuur van het MSC. Hij was secretaris van het bestuur van de Studiegroep Spectroscopie en Theorie (NWO-CW).

In het laatste jaar werd meer en meer duidelijk dat Jaap zich niet goed voelde, vermoedelijk mede door de darmaandoening die hem noodlottig is geworden. Maar voor deze laatste periode aanbrak was zijn aanwezigheid op het lab vaak duidelijk door een luid opklinkende schaterlach uit zijn kamer. Een ander kenmerk, maar niet door iedereen gewaardeerd, was de geur van sigaretten. Jaap was een man wiens aanwezigheid niet onopgemerkt bleef. Hij had uitgesproken meningen. Compromissen werden niet makkelijk door hem gesloten, hij deed liever geen water bij de wijn. Hij was een snelle denker en had een diepe kennis, met name van de theoretische en de fysische chemie. Als Jaap ergens indook, deed hij dat grondig. Hij was een zeer belezen man en had een fabelachtig geheugen. Hij had bovendien een mooi gevoel voor humor. Hij was dan ook een gewaardeerd spreker. Jaap hield van mensen om zich heen. Hij ging graag in debat, liefst op het scherpst van de snede en bij voorkeur onder het genot van een hapje en een drankje. Voor zijn AIO's was hij een inspirerend leider, voor vele anderen binnen de Scheikunde en de Natuurkunde een vraagbaak wiens deur altijd openstond. Velen die hem als leermeester of collega gekend hebben zullen zich hem blijven herinneren als een bijzonder mens en een gedreven wetenschapper. We zullen hem erg missen.